Terugblik op Hij en Ik van Judith Eiselin

Het is alweer een paar maanden geleden dat ik een stukje schreef over het boekje Hij en Ik van Judith Eiselin. In die blogpost schreef ik onder andere dat ik baalde dat er in het boekje alweer een bibliotheek en bibliothecaresse werd neergezet als suffig.
Tot mijn verbazing kreeg ik donderdag nog een reactie op deze oude post en wel van schrijfster Judith Eiselin zelf. Omdat ik vermoed dat een hoop mensen deze reactie gemist hebben heb ik haar gevraagd of ik er een apart stukje aan mocht wijden en dat was prima. Hieronder haar reactie:

Dag allemaal, sorry. De bibliothecaresse uit het boekje is gebaseerd op een herinnering aan iemand van mijn middelbare school. Het boekje is geschreven vanuit het personage Rosalie. Het is haar perceptie van de persoon. Je kunt er net zo goed in lezen dat het iemand is die haar werk goed doet. Ik denk helemaal niet dat iedereen die in een media- of bibliotheek werkt een zuurpruim is. Mijn eigen moeder is nota bene ook bibliothecaresse, en heel erg leuk. Ik ben kortom niet degene die veralgemeniseert! En ook wil ik wel nog even zeggen: ik kom heel vaak in mediatheken en bibliotheken. Voor optredens. Meestal tref ik er betrokken aardige mensen. Maarre… als ik 1 miezerige sjachrijn van een kruidenier opvoer in een boek, voelen andere kruideniers zich toch zeker ook niet direct aangesproken? Ik pretendeer niet een hele beroepsgroep af te beelden! Het spijt me als iemand zich gekwetst voelt.

Hartelijke groeten van Judith Eiselin

Gelukkig, ze kent ook leuke ‘biebmiepen’ en wellicht komt ze ooit nog eens in de gelegenheid om zo’n ‘exemplaar’ in een boekje te verwerken. Want het voorbeeld van de kruidenier ten spijt, ik denk dat het feit dat we ALTIJD als duf en saai worden neergezet steekt en dat we (en zeker ik!) daarom vaak zo fel reageren. Neemt niet weg dat ik het tof vind dat Judith de moeite heeft genomen om te reageren waarvoor bedankt!

Advertenties