Gelezen: Everything is Miscellaneous / David Weinberger

Goed boek, dat nieuwe van David Weinberger. Een ‘must read’ voor iedereen die werkzaam is in de bibliotheekwereld of zich op een andere manier bezig houdt met het ordenen van informatie. Hieronder een aantal persoonlijke indrukken.

Vergeet de SISO codering of Dewey classificatie, de massa is aan zet. De massa wil zelf taggen en dingen terugvinden op meerdere plekken. Denk aan Flickr waar wij als gebruiker elke dag duizenden foto’s voorzien van tags en waar wij bepalen op welke zoekterm je die ene foto kunt terugvinden.
De technologische ontwikkelingen en de grote hoeveelheden beschikbare digitale informatie zorgen inmiddels voor een grote ommekeer in het denken van de mens. Daarbij is het onmogelijk gebleken om al die informatie te blijven coderen met systemen die daarvoor niet meer toereikend zijn.

‘First order’ (denk aan een boek in een boekenkast) en ‘second order’ (in een catalogus vind je informatie over dat betreffende boek) wordt vervangen door ‘third order’. Daarbij is het mogelijk om nog meer informatie toe te voegen, net zoveel als de klant wil. Gebruikers kunnen commentaar en waarderingen geven, er wordt gelinkt naar andere relevante literatuur (liefhebbers van dit boek bestelden ook…) of je kunt de titel zoeken op basis van een enkel zinnetje uit het boek.
Waarom kun je bij Amazon een titel terugvinden op meerdere plekken en in een bibliotheek niet? Omdat het bij Amazon mogelijk is om een titel onder te brengen bij verschillende onderwerpsgebieden en je niet gebonden bent aan fysieke beperkingen.

En wat is nu precies het verschil tussen data en metadata? In de eerste twee ordeningen moet je goed nadenken over de metadata die je meegeeft aan het bewuste boek dat je wil beschrijven omdat je klanten het anders niet kunnen terugvinden. In de ‘third order’ kan het hele boek als metadata functioneren en is alle relevante informatie aan elkaar gelinkt. Zie het voorbeeld van Wikipedia waar je in een artikel door middel van hyperlinks wordt doorverwezen naar relevante andere artikelen.

Het boek laat je bewust nadenken over een catalogus en de manier waarop gebruikers hier tegenaan kijken. Is onze catalogus ‘old skool’ door het zoeken te beperken op titel, titelwoorden of een auteur? Waarom krijg ik van studenten nooit klachten over zoeken in Google en vinden ze het zoeken in onze catalogus zo moeilijk? Heeft dat te maken met het feit dat ze bij Google altijd wel iets vinden, welke zoekterm ze ook gebruiken? De kwaliteit van dat ‘iets’ laat ik nu even buiten beschouwing. In een catalogus zul je toch echt iets specifieker moeten zoeken en is het handig als je al een titel en/of auteur hebt, dat is bij Google niet nodig. 
De SISO codering is daarnaast ook best star terwijl je eigenlijk naar je gebruikers zou moeten kijken. Op de Pabo staat bv. speciaal lesmateriaal voor hoogbegaafde kinderen. Als ik het correct wil doen moet ik het rekenmateriaal bij rekenen zetten en het taalmateriaal bij taal. Maar gebruikers vinden het veel prettiger als al het hoogbegaafden materiaal bij elkaar staat, zo voor het grijpen en netjes naast elkaar. Of het nu rekenen, taal, spelling of achtergrondliteratuur betreft. Zo staat het dus ook, ondanks commentaar vanuit onze back office afdeling.

Is numerieke plaatsing sowieso uit de tijd? Ik krijg de laatste tijd veel opmerkingen van studenten of wij onze boeken alfabetisch hebben staan? Dat zou een keuze kunnen zijn… In ieder geval is er de laatste weken veel aandacht geweest voor een Amerikaanse bibliotheek die als eerste van plan is om de Dewey classificatie los te laten. Ze willen gaan werken volgens het Borders systeem zodat het voor de klant mogelijk is om dezelfde titels op verschillende plekken te kunnen terugvinden.
Nu weet ik niet of dat dxc3xa9 oplossing is maar het is inmiddels wel duidelijk dat er iets moet veranderen. Al is het alleen maar vanwege al die kids die in dit digitale tijdperk opgroeien en op een andere manier leren. Feitjes is iets voor quizzen, het belangrijkste is dat ze weten HOE ze het antwoord op een vraag moeten opzoeken en het liefst zo makkelijk xc3xa9n zo snel mogelijk.

Uiteraard is het bovenstaande geen volledige beschrijving van het boek (je moet het gewoon zelf lezen!), het is mijn eigen interpretatie van de dingen die mij zijn bijgebleven. Voor ‘echte’ recensies verwijs ik je daarom naar ALA Techsource en BoingBoing. De 57 minuten durende Google Tech Talk over het boek vind je via Google Video en er is ook nog een website.

Advertenties